Lexicon

A   B   C   D   E   F   G   H   I   J   K   L   M   N   O   P   Q   R   S   T   U   V   W   X   Y   Z

 

Aanbesteding

De gunningsprocedure van een overheidsopdracht waarbij de opdracht wordt toegewezen aan de aannemer of dienstverlener die de goedkoopste regelmatige offerte heeft ingediend.

Baanvak

Gedeelte, stuk van een geheel (bijvoorbeeld: het baanvak van een lijn).

Ballast

Grind van hardsteen dat zo gelijkmatig mogelijk het gewicht van de voertuigen verdeelt over de spoorbedding, de trillingen van de doortocht van treinen dempt, de afvoer van het regenwater bevordert en het spoor optimaal ondersteunt.

Bekisting

Een bekisting is een voorlopige structuur die vorm geeft aan een materie tot ze bindt en vervolgens hard wordt. Via deze techniek kan men betonnen constructies maken met zeer precieze afmetingen. Bekisting is nodig omdat vers beton eigenlijk een brij is die door zijn eigen gewicht zou inzakken. Daarom is een gietvorm nodig om het vorm te geven en het op zijn plaats te houden tot het zelfdragend wordt.

Beperkte procedure

De gunningsprocedure van een overheidsopdracht waarbij elke geïnteresseerde aannemer of dienstverlener een aanvraag tot deelneming mag indienen en waarbij alleen de door het overheidsbedrijf geselecteerde kandidaten een offerte mogen indienen en aanwezig mogen zijn op de openingszitting van de offertes.

Berm

Zeer steile aangelegde helling.
Afgegraven berm: langs een lager gelegen spoorweg.
Opgehoogd berm: gevormd met aangevoerde aarde en bovengronds.

Beschoeide sleuven

Uitgraven van terrein om een fundering te plaatsen. Het beschoeien van sleuven en bouwputten dient om de wanden van de uitgegraven put te ondersteunen en aldus instortingen of verzakkingen te vermijden. Het materiaal van de beschoeiing varieert volgens de aard van het terrein, maar bestaat hoofdzakelijk uit beton.

Bovenleidingen

Op palen opgehangen kabels onder spanning, zowel mechanisch als elektrisch, die zorgen voor de energievoorziening van de treinen.

Brugdek

Platform dat de "vloer" van een brug vormt. De uiteinden van dit brugonderdeel rusten op de landhoofden.

Bulletin der Aanbestedingen

Voor meer info, klik hier.

Computer Aided Design (CAD)

Ontwerpen van twee- of driedimensionale modellen met behulp van computerprogramma's (AutoCAD, CAD/CAM, STAR) als vervanging van of aanvulling op de ontwerpen die nog op de tekenplank worden gemaakt.

Construction Contract Manager (CCM)

Belast met het coördineren en managen van de opdracht en de werf, het bewaken van de voortgang en het toezien op het respecteren van de doelstellingen van bij de start tot de afsluiting van het project, het superviseren, het opvolgen en het controleren van de kwaliteit van de door de aannemer uitgevoerde werkzaamheden; staat in voor alle kwaliteits-, milieu- en veiligheidsaspecten verbonden met de uitvoering en de oplevering van de werf; beheert alle nodige documenten voor de uitvoering van de opdracht vanaf de start tot de definitieve oplevering.

Dwarsligger

Dwarsliggers zijn houten of betonen dragers die enerzijds de spoorstaven op een vaste tussenafstand houden, en anderzijds het gewicht verdelen op de ballast.

p TOP

ERTMS (European Rail Traffic Management System)

Europees systeem voor spoorwegbeheer, ontstaan uit de samenvoeging van de systemen ETCS (seininrichtingssysteem) en GSM-R (communicatiesysteem). Dit zal geleidelijk aan de bestaande verkeerscontrolesystemen in de verschillende landen vervangen.

ETCS (European Train Control System)

Europees systeem voor de volledige beveiliging van het treinverkeer en de stuurpostsignalering. ETCS stuurt gestandaardiseerde informatie naar de bestuurder zodat die optimaal kan rijden en voert een volledige en permanente controle uit op de snelheid. Als de maximaal toegelaten snelheid op een welbepaalde plaats wordt overschreden, lokt het systeem automatisch een noodremming uit.

Geluidsmuur

Dit is een geluidswerend scherm. Deze oplossing bestaat erin een obstakel te plaatsen tussen de geluidsbron en de ontvanger (omwonende, school, handelszaak). Dankzij deze weerkaatsende schermen kan de geluidshinder aanzienlijk worden beperkt. Beton is een uitstekende geluidsisolator.

GEN (Gewestelijk ExpresNet)

Toekomstig netwerk van spoorverbindingen die nauw met elkaar zijn verbonden en – samen met de buslijnen – bedoeld zijn om de verwachte toename van het verkeer in een straal van 30 km rond Brussel op te vangen.

Gril of rooster

Geheel van spoortoestellen (bv. wissels) aan de inrit en uitrit van een station, dat door seinen is beveiligd.

Groene muur

Deze muur is bedekt met vegetatie. De muur wordt vaak gevormd door opeengestapelde geprefabriceerde elementen, die vervolgens met aarde worden gevuld zodat er beplanting kan op groeien. Hij is dus beplantbaar, antigraffiti en kan dienen als steunmuur. Door zijn grote omvang is deze muur bovendien ook zeer sterk geluidsisolerend.

GSM-R (GSM for Railways)

Digitaal communicatienetwerk specifiek voor de spoorwegen (spraak en gegevens). GSM-R is een Europese norm die borg staat voor de interoperabiliteit tussen de verschillende spoorwegoperatoren en –netten.

p TOP

Heien van palen

Deze operatie bestaat erin een diepe fundering (in staal, beton of gewapend beton) - ook heipaal genoemd - in de grond te drijven door dynamische schokken of vibratie met behulp van een heimachine. Op die manier kan een bouwwerk op stevige ondergrond steunen wanneer de weerstand van de bovenste bodemlagen onvoldoende is.

HSL (Hogesnelheidslijn)

Spoorlijn die is aangelegd naast het bestaande netwerk en waarvan het tracé en de uitrusting toelaten om aan hoge snelheid te rijden.

Hydraulische koker

Opening voor het doorlaten van water in een hydraulisch kunstwerk (opent bij contact met water).

Ingebruikname

Start van het commercieel gebruik van een lijn of specifieke technische uitrusting (vb. kunstwerk…) in het kader van de exploitatie van de treindienst.

Intermodaliteit

Opeenvolgend gebruik van meerdere en verschillende vervoersmodi (lucht-weg-spoor-water).

Kruisingsbrug

Spoorwegbrug waarover een of meer spoorlijnen lopen en waaronder ook een of meer andere spoorlijnen lopen. In spoorwegjargon noemen we de kruisingsbrug een ‘PX’.

Kunstwerk

Constructie die noodzakelijk is geworden door de aanleg van een spoorlijn en waardoor die andere verkeerswegen kan kruisen of de onregelmatigheden in het landschap kan overbruggen. We onderscheiden hoofdzakelijk bruggen, tunnels, viaducten, enz.

Landhoofd

Onderdeel van een brug. Het gedeelte aan elk uiteinde van de brug waarop de brugboog of het brugdek rust.

Landschapswal

Steunmuur die volledig bedekt is met aarde en dus ook begroeid.

Life Cycle Cost

Een methode om de kostprijs van een product over zijn levenscyclus in te schatten.

p TOP

Offerteaanvraag

de gunningsprocedure van een overheidsopdracht waarbij de opdracht wordt toegewezen aan de aannemer of dienstverlener die de regelmatige offerte heeft ingediend die de economisch voordeligste is vanuit het oogpunt van het overheidsbedrijf.

Onderbrugging

Spoorwegkunstwerk (vaak een tunnel) dat onder de elementen van het landschap doorloopt (water, wegen, velden, ...).

Onderhandelingsprocedure

De gunningsprocedure van een overheidsopdracht waarbij het overheidsbedrijf de door hem gekozen aannemers of dienstverleners raadpleegt en over de voorwaarden van de opdracht onderhandelt met één of meer van hen.

Open procedure

De gunningsprocedure van een overheidsopdracht waarbij elke geïnteresseerde aannemer of dienstverlener een offerte mag indienen en waarbij de openingszitting openbaar is.

Op vier sporen brengen

Toevoegen van een of meer sporen om de capaciteit van een spoorlijn te verhogen. Het viersporig maken gebeurt bijvoorbeeld met het oog op de invoering van het GEN (Gewestelijk Express Net).

Overbrugging

Spoorwegkunstwerk (vaak een brug) dat over de elementen van het landschap loopt (water, wegen, velden, ...).

Overdekte sleuf

Ingegraven kunstwerk voor spoorverkeer, gebouwd vanuit een open uitgraving, uitgerust met een dak dat het heeraangelegde of in de vroegere staat herstelde terrein ondersteunt.

Overheidsopdracht

Men spreekt van een overheidsopdracht in het kader van een overeenkomst onder bezwarende titel die wordt gesloten tussen één of meer aannemers of dienstverleners en één of meer overheidsbedrijven en die betrekking heeft op het uitvoeren van werken of het verlenen van diensten.

PMO Officer (Project Management Office)

Verantwoordelijk voor de administratieve coördinatie van projecten: projectorganisatie, controle, sturing en ondersteuning.

PPS (Publiek Private Samenwerking)

Contractuele financiering van een investering waarbij een overheidsinstantie een beroep doet op een privédienstverlener om over een lange periode (van 25 tot 30 jaar) een openbare infrastructuur te ontwerpen, te bouwen en te onderhouden. In ruil daarvoor wordt de privépartner betaald in de vorm van huur, gespreid over de duur van het contract.

Project Engineer (PE)

Verantwoordelijk voor het ontwerp en de werfopvolging van speciale technieken (elektriciteit, verlichting, zwakstroom, brandbeveiliging, enz…) bij bouwprojecten; stelt bestekken en aanbestedingsdocumenten op.

Project Manager (PM)

Beheert een specifiek project dat tijd- en budgetgebonden is; definieert en coördineert het project en volgt het nauwgezet op.

Publicatieblad van de Europese Unie

voor meer info, klik hier.

p TOP

RAMS (Reliability, Availability, Maintainability and Safety)

Specifieke aanpak die deel uitmaakt van een kwaliteitsmanagementsysteem of een verbetercyclus met als doel de mate van betrouwbaarheid, beschikbaarheid, onderhoudbaarheid en veiligheid in samenhang te kwantificeren en het proces daar naar toe naspeurbaar vast te leggen.

Risk Management

Risico’s waaraan de onderneming is blootgesteld analyseren, hun impact op de onderneming en haar processen in kaart brengen; deze risico’s al dan niet aanvaarden en de nodige maatregelen treffen.

Seinhuis

Seinpost die zorgt voor het beheer van veilig treinverkeer in een bepaalde zone door het bedienen van de wissels en de seinen in die zone.

Spoorbedding

Aangeaarde en eventueel verhoogde ondergrond waarop de spoorbaan zich bevindt.

Spoorweginteroperabiliteit

Geschiktheid van een spoorwegsysteem om veilig en ononderbroken treinverkeer mogelijk te maken (zo kan er bijv. een trein uit Duitsland op het Belgisch netwerk rijden en een trien uit België op het Duits netwerk).

Sporenbundel

Geheel van parallelsporen die door wissels aan de uiteinden verbonden zijn met een lijn.

Steunmuur of keermuur

Werk van burgerlijke bouwkunde dat dient om een opgehoogd spoor of ingegraven spoor te ondersteunen, en zo minder plaats dan een talud in te nemen.

System Engineering (SE)

Wetenschap (ook systeemkunde of systeemleer genoemd) over het analyseren en ontwerpen van technische en organisatorische systemen, gebaseerd op het denken in systemen, processen en regelkringen.

TBL (Transmissie Baken Locomotief)

Systeem van automatische controle van het treinverkeer. Dit is gebaseerd op het principe van de transmissie van een gecodeerd signaal tussen een baken in het spoor en een antenne onderaan de locomotief.

Tractie-onderstation

Transformator- en verdeelpost van elektrische stroom die noodzakelijk is voor de voeding, via de bovenleiding, van een bepaald geëlektrificeerd lijnvak.

Tussenspoor

Ruimte tussen twee parallelle sporen.

p TOP

 Dit lexicon werd opgesteld in samenwerking met Infrabel.